D

Daan Gedaan
Dagtoeke Hoekwant van dezelfde dag schieten en halen
Dassie Wollen shawltje, door de vrouw over de schouders gedragen
Davit Laantaarnstandaard op de voorsteven
Déukè Afdichting van de brun
Demeé Aanstonds – Straks
Dèrge Weke gronden langs de Noordzeekust
Déusie Rond biskwietje
Diender Politieagent
Dijer-Dijerement Billen (?) (bij straf: klap op je dijer…)
dikker ontbijtkoek
Dikketon Dukaton (oud zilveren munt)
Dikkoppie Grondel (vissoort)
Dik water Water, door de golfbeweging, vermengd met losgewoeld slib
Dirk Kraanlijn van het zeil
Docht Gedacht
Doèk Wollen omslagdoek
Doèke’ Gedoken
Doene Doen – zijn aan ‘t ……
Doenedasie Bemoeienis
Does Wollen hoofddeksel voor jongens (soort petje zonder klep)
Dol Achterste pen in het boord
Donderstien Deugniet
Dóodlóof Erg vermoeid – Bekaf
Dóod van lóofte Doodop
Dóods’óofie Pokhouten kous waaromheen touw is gesplitst
Dóodsverkòete Erg geschrokken
Dóop Botersauce
Door’ale / Dujr’ale Plagen – Tergen
Doorslage’water Zie: Dik water
Dossig In de war geraakt lijnwerk
Dréile Vloerdelen van de kooi
Drieling Groot slag botter
Driffie Korte streek met de kuil
Drijklamp Klamphout waarin de kwakboom steunt, wanneer deze buiten boord is gedraaid
Drijflijn Lijn van eind kwakboom naar oortouw van de kuil
Drijf’outje Klos hout tussen zwaard en berghout
drok druk
drokte make herrie maken
Dróogd skartje Gezouten en wingedroogde schar
Dróogwater Soda
Drottelig Kinderachtig
Dubbele Skóet Extra schoot bij het grootzeil van grote botters
Dunne dóek Op zon- en feestdagen gedragen tullen shawl,in driehoek gevouwen en over de schouder en kralap gedrapeerd
Dúuk Te bed
Dwáal Dweil aan stok / Losbol
Dwáalspèiker Vijfduimer (grote spijker)
Dwarskuul Kuilnet waarmee dwars vooruit drijvende wordt gevist
Dwarstouw Zie: Koptouw