O

oaref anderhalf
oars anders
‘obbele Vaartuig in slingerende beweging brengen om vis in leven te houden
‘obbelskùit Type vaartuig waarin Amsterdamse visventers hun vis vervoerden
Oebe Ruimte tussen twee beugen hoekwant
‘oedje Strooien hoedje met rand van gebloemde stof (werd vóór 1930 op hoge feestdagen over de hul gedragen)
Oejasse kapitaal Veel geld (waarschijnlijk van niet Volendammers)(Zie: Jas)
‘oek Vishoek – Vishaak
‘oekene Welke – welk soort
‘oekiesburdje Hoekconsole
oèlie olie
oènd hond
oènder onder
Oender ien vlag In één jaar
Oendermus Zwart puntmutsje, aanvankelijk alleen onder hul gedragen
Oenderpees Zie: Oenderreep
Oenderreep Reep langs de onderkant van een kuilnetopening
Oenderstok Onderste stok tot het uizetten van de breefok
Oenderzijd Eén van de twee zijden van een kuilnet
oèver over
Oever’ange Het eten opzetten (voor ± 1910 werd de maaltijd vaak nog boven open vuur gestookt
Oever’opig In de war – Onrustig
Oever’ore Overhoren
Oevertaag Overstag
Oeverzeile Terugzeilen naar het beginbaken van het hoekwant
Oeverzij Slagzij – Scheef
of af
ofmake opschieten
ofslikke aflikken
Oftig Vaak
‘ollándse kuul Kuil met recht gebreide boven- en onderzijde
Om mallig Om de aardigheid – Zonder beloning een wedstrijd of weddenschap aangaan
‘ompelepompel Aan de klomp vastgeplakte sneeuw- of modderkluit
‘ompelepompelig Pokdalig
Omslagdòek Wollen omslagdoek voor de vrouw met groot ruitmotief
‘ooigat Stijve rug
‘oopies béuter Veel beter – Stukken beter
Oór Hoekstuk van een kuilnet
Ooringe In Volendam droegen de vrouwen filigrain gouden oorringen met bolletjes en de mannen eenzelfde ring met een ankertje
Oorskot Tussenschot van de bun
Oorstok Balkje in de opening van een kuilnet
Oortouw v-vormig lijnstuk aan een oorstok
‘oos Plaats van eenvaartuig waar binnengekomen water overboord wordt gehoosd of gepompt
Ooitje Grootmoeder van vader’s kant
Op blóot gat Ongekleed – Naakt
Op blóot goed In onderkleding
Op blóte kouse Op kousevoeten
Op de lij De kwakkuil halen zonder de breefok te strijken
Opperdam zeile Naar een bovenwinds gelegen punt zeilen
Opréupe De repen aanbrengen
Op rippetisie Het uittrekken van de vis met de troom mee de zuiderzee in
Op risico bouwe Zonder opdrachtgever een schip op stapel zetten
Op stond Direct – Meteen
Op tarief Aanvoerbeperking op garnalen (vóór 1920)
Op ’t záitje In verband met de golfslag op het juistemoment ophalen van tuig en ankerkabel
Op uur Vast knechtsloon
Opzet Begin van een te breien stuk netwerk
Opzetboeisel Verhoging van een boegsel
Opzetteì Het breien van de eerste rij mazen van een stuk netwerk
‘orlósi Horloge
‘orrelbien Horrelvoet
Òrt – òrte Erwt – Erwten
Ótemetóot Gewichtig persoon
Oud bessie Oude afgeleefde vrouw